Black Rainbow review in Magazine ‘Ritmo’
Deeply autobiographical project centered on identity, migration, and memory. The album is situated between tradition and experimentation: Leoš Janáček evokes Moravia through folklore and expressive intensity; Fazıl Say contributes rhythmic energy, contrast, and improvisational freedom rooted in Balkan traditions; and George Enescu introduces a melancholic and flexible folk influence that further strengthens the musical concept.
The central work, Black Rainbow – Quo Vadis Homini, incorporates folk elements, recordings of ancestral voices, and electronic textures to reconstruct the migratory history of three generations of women in her family, transforming personal biography into sonic material. Akim Moiseenkov’s electronics function as an emotional extension of the violin and voice, not as a decorative element but as a highly present and integral part of the work.
Julija Hartig delivers a deeply committed performance of great expressive intensity, while Reineke Broekhans provides balance, clarity, and subtlety in a dialogue of remarkable quality. However, the musical discourse frequently relies on similar expressive devices, which may at times create a sense of monotony, interrupted only by the use of live electronics and the soloist’s own voice in Black Rainbow.
Overall, the project is conceived as a sonic journey through memory, where personal experiences are transformed into music, and where tradition, folklore, and experimentation intertwine in a highly personal language, envisioned by Hartig herself as a sound experience.
Paulino Toribio
Volledige review Nederlands:
Diep autobiografisch project, gericht op identiteit, migratie en herinnering. Het album beweegt zich tussen traditie en experiment: Leoš Janáček roept Moravië op via folklore en expressieve kracht; Fazıl Say brengt ritmische energie, contrast en improvisatorische vrijheid met Balkanse wortels; en George Enescu voegt een melancholische en flexibele folkloristische dimensie toe die het muzikale concept versterkt.
Het centrale werk, Black Rainbow – Quo Vadis Homini, verweeft folkloristische elementen, opnames van voorouderlijke stemmen en elektronische klanktexturen om de migratiegeschiedenis van drie generaties vrouwen uit haar familie te reconstrueren. Zo wordt het persoonlijke levensverhaal omgezet in muzikaal materiaal. De elektronica van Akim Moiseenkov fungeert als een emotionele verlenging van viool en stem, niet als een decoratief element, maar als een wezenlijk en nadrukkelijk aanwezig onderdeel van het geheel.
Julija Hartig levert een zeer betrokken vertolking van grote expressieve intensiteit, terwijl Reineke Broekhans zorgt voor evenwicht, helderheid en subtiliteit in een samenspel van opmerkelijke kwaliteit. Tegelijkertijd maakt het muzikale discours vaak gebruik van vergelijkbare expressieve middelen, wat soms een gevoel van monotonie kan oproepen. Dit wordt vooral doorbroken door het gebruik van live-elektronica en de eigen stem van de soliste in Black Rainbow.
Als geheel presenteert het project zich als een klankreis door het geheugen, waarin persoonlijke ervaringen worden omgevormd tot muziek en waarin traditie, folklore en experiment samenkomen in een zeer persoonlijke muzikale taal, door Hartig zelf opgevat als een diepgaande sonore ervaring.
— Paulino Toribio